De balkonscène

Ik sla de balkondeur open en meteen voel ik de warme lucht op mijn huid. Het is de eerste voorjaarsavond op ons balkonnetje aan de Schutstraat. De warme dag begint langzaam af te koelen. Voordat het zo ver is pak ik wat kussens, een grote mok met thee, en zet ik mijn stoel neer om vervolgens mezelf te settelen en te kunnen genieten van de avond. Hier zal ik nog wel even zitten. Beneden mij manoeuvreren katten zich lenig over de smalle schuttingen. Ze zoeken de laatste plekjes in de zon op om vervolgens met dichtgeknepen oogjes te genieten van de laatste warme zonnestralen. Boven mij vullen vliegtuigstrepen de blauwe lucht en komt de maan voorzichtig al tevoorschijn. Ik strek me even uit, slaak een diepe zucht, en realiseer me dat ik dit gevoel eerder heb gehad.

Het is alleen wat kleiner. Mijn uitzicht wordt beperkt door daken die zich afzetten tegen de blauwe lucht. Ik ben omringd met balkonnetjes en verwilderde maar knusse begroeide tuintjes. Ook de vogeltjes fluiten een ander liedje en de temperatuur is wat lager. Met mijn theemok stevig tussen mijn beide handen geklemd neem ik een slok van mijn venkelthee. Ik besef me dat deze mok wel hetzelfde is. Het is dezelfde als waaruit ik mijn thee dronk op ons witte balkon in Kaapstad. Het warme briesje om mij heen is hetzelfde. Ook voelt de vrijheid van de buitenlucht hetzelfde en voel ik de wereld open staan. Alle onvergetelijke balkonscènes van Villa Tivoli passeren weer in mijn gedachten.

Terwijl ik in een roes verkeer van herinneringen aan Afrika komt mijn huisgenootje erbij zitten. Ze draait haarzelf kunstig een sigaretje. We hebben de hele avond nog voor ons en de euforie van het eerste zomergevoel maakt dat we uren praten over kunst, onze plannen en onze toekomstdromen. Langzaamaan wordt het donkerder en begint de maan te schijnen. De katten worden rustiger en de wirwar van tuintjes worden hier en daar verlicht door het gele licht dat uit de ramen schijnt. De warme dag is overgegaan in een zwoele nacht. De plek waar alles tijdloos en mogelijk lijkt. Niet zichtbaar en toch zo dichtbij, de tijd dat je ongestoord en ongezien kunt nagenieten van een heerlijke dag. En kunt dromen. Dromen van alle reizen die we nog willen maken en wat we nog willen doen. Niks lijkt onmogelijk, ook niet zonder uitzicht op Lion’s Head.

Leave a Reply