De betovering

Ik kan mij alleen maar overgeven aan hem. Nog voordat ik mijn broek zo charmant mogelijk omlaag heb kunnen doen, zit het er in. De pijn is niks vergeleken met hoe ik mij al dagen voel. Ik heb alleen maar kunnen liggen, verkrampt in mijn Afrikaanse bed, gevangen achter het tralie. Uitgemergeld. Een gezond mens zou nu uit angst proberen te vluchten. Maar ik voel me verlamd en zo slap als een vaatdoek. Ik ben niet bang en ik schrik niet op.

Nee. Ik ben betoverd. Mijn vriendin naast mij ook. Het kostte hem maar enkele seconden voor hij ons te pakken had. Tijd om ons er tegen te beschermen kregen we niet. Laat staan om elkaar een por te geven. Een blanke jongeman met zwart kort haar, hier en daar wat grijzende plekken, een onverzorgd baardje, maar vooral met helderblauwe ogen om in te verdwalen. Hij zit tegenover ons en zijn glinsterende ogen betoveren ons.

Verbaasd kijken wij elkaar aan als hij laat zien hoe het bij hem ging. Een giechel kunnen wij niet onderdrukken. Hij doet voor hoe hij ooit de spuit tegen buikkramp in zijn bil eigen zette. Wat een belachelijk gezicht. Hij komt er mee weg zodra zijn lichtblauwe ogen ons weer aankijken. Dromend luisteren wij verder naar hoe hij mijn diagnose stelt. We hangen aan zijn lippen. Wat een knappe dokter.

Beduusd en dromerig lopen wij samen, ik als een slappe pop hangend in de arm van mijn vriendin, de huisartsenpraktijk uit. Ik zie mijn gezicht voorbijkomen in de autoramen naast mij en baal dat ik er zo slecht uit zie. Hij mag mijn gezicht vergeten, wij vergeten de zijne nooit meer. Hij gaat onze dagboekjes in als de knappe dokter. Met zijn telefoonnummer en adres erachter. Want zij wil ook wel zo’n spuit in haar bil. En ik heb er nog een over.

Kaapstad, Zuid-Afrika, 2012.

Leave a Reply